Verhuren aan een vluchteling

Je kan deze volledig tektst downloaden als brochure via deze link: Brochure verhuren aan een vluchteling (pdf)

 

Inleiding | Algemeen | Een woning of appartement verhuren | Een kamer in je (huur)woning verhuren | Interessant om te weten | Nog vragen ?


Veel asielzoekers die een verblijfsstatuut hebben ontvangen zijn op zoek naar een huurwoning. Wil jij graag een woning verhuren of heb je een kamer over die je zou willen verhuren? Wij helpen je op deze webpagina met het ontwarren van het juridische en administratieve kluwen, en benadrukken enkele zaken die je zeker niet mag vergeten. We gaan eerst in op enkele algemene zaken. Verhuur je een woning of appartement? Dan lees je best het onderdeel ‘Een woning of appartement verhuren’. Wil je een kamer in je woning verhuren, dan zijn er andere regels van toepassing. Daar lees je alles over in, ‘Een kamer in je (huur)woning verhuren’.

 

De regelgeving is verspreid over verschillende beleidsdomeinen. In je regio of gemeente gelden mogelijks specifieke regels. Ga dus zeker nog eens langs bij de Dienst Wonen van je gemeente, om zeker te zijn dat je in orde bent met alles. 

 

1.   Inleiding

1.1.              Enkele termen verklaard

1.1.1.     Wat is een asielzoeker?

Mensen op de vlucht voor oorlog, geweld en vervolging kunnen asiel aanvragen in ons land. Ze moeten dan een asielaanvraag indienen bij de Dienst Vreemdelingenzaken. Het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen onderzoekt daarop hun aanvraag. Mensen die asiel aanvragen noemen we tijdens hun asielprocedure asielzoekers. Asielzoekers hebben recht op opvang en begeleiding. Zij verblijven in collectieve opvangcentra of individuele woningen.

1.1.2.     Wat is een vluchteling?

Asielzoekers die voldoen aan de voorwaarden van de Conventie van Genève, het zogenaamde Vluchtelingenverdrag, worden erkend als vluchteling. Ze krijgen een speciale verblijfskaart als vluchteling en kunnen niet teruggestuurd worden naar hun thuisland. Tot voor kort kregen vluchtelingen een verblijfsvergunning van onbepaalde duur. Recent heeft het Parlement echter een wetswijziging goedgekeurd om de verblijfsvergunning te beperken tot vijf jaar. Als de redenen waarom de vluchteling erkend werd na vijf jaar nog steeds actueel zijn, verandert deze vergunning alsnog in een verblijfsvergunning van onbepaalde duur.  Deze wetswijziging is van kracht sinds 8 juli 2016.

1.1.3.     Wat is een oorlogsvluchteling of subsidiair beschermde?

Mensen die vluchten voor oorlog vallen meestal niet onder de definitie van het Vluchtelingenverdrag. Toch is ook hun leven in gevaar, waardoor ze wel subsidiaire bescherming kunnen ontvangen. Subsidiair beschermden krijgen een verblijfsvergunning van één jaar, tweemaal verlengbaar met twee jaar. De vergunning wordt verlengd als de situatie die zij ontvlucht zijn in het thuisland nog steeds problematisch is. Na vijf jaar krijgen zij een onbeperkt verblijfsstatuut [1].

1.2.              Woonnood in België

Middenveldorganisaties trekken al jaren aan de alarmbel over het tekort aan betaalbare huurwoningen. Dit is een probleem voor alle kwetsbare huurders.

In 2015 zagen we een grote stijging van het aantal asielaanvragen in België. Ook de erkenningsgraad [2] lag hoger. Dit leidde in 2016 tot een stijging van erkende vluchtelingen en subsidiair beschermden die de asielopvang moeten verlaten. Zij moeten op zoek naar een huurwoning. De druk op het betaalbare segment van de huurmarkt stijgt hierdoor nog meer.

1.3.              Huisvesting – een uitdaging voor erkende vluchtelingen

Vele vluchtelingen hadden een leven zoals jij en ik in hun land van herkomst: ze gingen werken, hadden een huis, kinderen gingen naar school … Uit vrees voor hun eigen leven hebben ze alles achtergelaten en zijn ze noodgedwongen hun thuisland ontvlucht.

Wie na de asielprocedure een verblijfsstatuut ontvangt, krijgt de kans en de taak om hier een nieuw leven uit te bouwen. Van hen wordt verwacht dat ze op amper twee maanden de asielopvang verlaten en een woning vinden op de private huisvestingsmarkt [3]. Dit moeten ze doen zonder of met een bescheiden sociaal netwerk, een geringe kennis van onze huurmarkt en een beperkt inkomen.

Het vinden van een thuis is de eerste stap in hun integratieproces. Zonder woning is het zo goed als onmogelijk om je in te schrijven voor taallessen, beroep te doen op begeleiding van het OCMW, een school te vinden voor de kinderen, werk te vinden … Als verhuurder kan jij hen de kans bieden om een nieuwe start te nemen.

 

2. Algemeen

2.1.      Een vluchteling als huurder

Vluchtelingen en subsidiair beschermden hebben over het algemeen dezelfde rechten en plichten als huurders die al langer in België wonen. Zij mogen werken, naar school gaan …

Werk vinden is niet altijd vanzelfsprekend. Erkende vluchtelingen die de asielopvang net hebben verlaten, zijn in veel gevallen de taal nog aan het leren en hebben hun diploma nog niet kunnen gelijkschakelen. Wie nog geen werk heeft gevonden, kan terecht bij het OCMW voor begeleiding en een (equivalent) leefloon.

Het OCMW kan hen op veel domeinen ondersteunen, afhankelijk van de vraag van de cliënt. Zo is het mogelijk samen met de kandidaat-huurder naar het OCMW te gaan, waar een medewerker je kan uitleggen welke begeleiding zij voorzien. Zij kunnen ook helpen bij het opstellen van een heldere huurovereenkomst.

2.1.      De huurwaarborg

Als de kandidaat-huurder de huurwaarborg niet zelf kan betalen, kan het OCMW tussenkomen voor de huurwaarborg. Elk OCMW heeft een eigen werking. De meest gangbare praktijk is dat de huurwaarborg op een geblokkeerde rekening gestort wordt. Een andere mogelijkheid is dat het OCMW een borgbrief opmaakt. In deze borgbrief stelt het OCMW zich borg voor de huurwaarborg naar de verhuurder toe, al dan niet via een bankwaarborg.

Wanneer een OCMW zich borg stelt voor de huurwaarborg, moet dit altijd eerst intern goedgekeurd worden. Daardoor kan het soms enige weken duren vooraleer de kandidaat-huurder de goedkeuring heeft van het OCMW voor de huurwaarborg. Sommige OCMW’s hebben wel een versnelde werking om huurwaarborgen goed te keuren, bij anderen kan dit wat langer duren.

2.1.      Verhuren aan een OCMW-cliënt

Verhuren aan een OCMW-cliënt heeft als voordeel dat de huurder begeleid wordt door een maatschappelijk assistent. In geval van laattijdige betaling of andere bezorgdheden, kan je samen naar het OCMW gaan. OCMW’s hebben wel tijd nodig om alle rechten toe te kennen aan een kandidaat-huurder. Daardoor moet je als verhuurder soms enkele weken wachten vooraleer de kandidaat-huurder de woning ook effectief kan huren. Zo moet een erkend vluchteling die een woning heeft gevonden, eerst aan het lokale OCMW vragen of hij recht heeft op een leefloon en/of huurwaarborg. Vervolgens voert het lokale OCMW een sociaal onderzoek uit.

2.1.     Krijgen erkende vluchtelingen ondersteuning?  

Wie nieuw aankomt in ons land is nog niet volledig op de hoogte van alle geschreven en ongeschreven regels. Erkende vluchtelingen en subsidiair beschermden volgen een inburgeringscursus bij het Agentschap Inburgering en Integratie. Deze cursus omvat onder andere een cursus Nederlands en een cursus over leven in België.

Wie een leefloon krijgt wordt automatisch begeleid door de maatschappelijk assistent van het OCMW. Verder kan men op vrijwillige basis begeleiding vragen bij andere diensten, als zij dit aanbieden in de regio. Zo hebben verschillende Centra Algemeen Welzijnswerk (CAW’s) een aanbod woonbegeleiding. Dit houdt in dat ze mensen die een woning hebben gevonden, ondersteunen in hun verblijf. Dat kan gaan van uitleggen hoe recyclage werkt, tot bemiddelen bij woonproblemen.

In verschillende regio’s zijn ook vrijwilligersgroepen actief, die nieuwkomers ondersteunen en activiteiten organiseren. Ga eens kijken op http://www.vluchtelingenwerk.be/wie-we-zijn voor vrijwilligers in je buurt. 

2.1.     Welke ondersteuning is er voor mij als verhuurder?

Als verhuurder kan je je aansluiten bij de vzw Verenigde Eigenaars. Zij bieden ondersteuning, informatie en juridische bijstand aan hun leden (www.ve-pr.be). Ook lokale woonwinkels en woonloketten bieden informatie en ondersteuning aan eigenaars (www.wonenvlaanderen.be/huren/u-zoekt-een-betaalbare-huurwoning). Als er geen woonwinkel is, kan je ook de Dienst Wonen van je stad of gemeente bevragen.

Bij het Centrum Algemeen Welzijnswerk (CAW) kan je terecht met heel wat vragen. Afhankelijk van de vraag kan de onthaalwerking zelf een antwoord bieden, of je doorverwijzen naar de juiste dienst. Sommige CAW’s hebben een dienst woonbegeleiding. Zij kunnen, indien nodig, bemiddelen tussen jou en de huurder. Een CAW in je buurt vind je via de webpagina www.caw.be/caw-in-je-buurt.

Wanneer de huurder begeleid wordt door het OCMW kan je ook hen aanspreken voor bemiddeling. OCMW-medewerkers hebben beroepsgeheim en mogen dus geen informatie delen over hun cliënten, maar kunnen hen wel contacteren. Als je een goed contact hebt met de huurder, kan je ook samen naar het OCMW gaan om de situatie te bespreken. In dat geval verloopt het proces meestal sneller.

2.1.     Kan ik verhuren aan een niet-begeleide minderjarige vreemdeling?

Ja dat kan. Het huurcontract zal door de minderjarige en zijn voogd ondertekend worden. De voogd van een niet-begeleide minderjarige vreemdeling wordt aangesteld door de Dienst Voogdij. Met verdere vragen over verhuren aan niet begeleide minderjarigen kan je terecht bij het Platform Kinderen op de Vlucht of bij de Vluchtelingen Infolijn. De infolijn is elke werkdag bereikbaar tussen 10u en 12u en tussen 14u en 16u. Bel naar 02 225 44 00 of stuur een mail naar info@vluchtelingenwerk.be.

 

3. Een woning of appartement verhuren

Wil je je woning of appartement aan een vluchteling (en zijn gezin) verhuren? Hieronder sommen we een aantal zaken op waar je zeker op moet letten. Je vindt hier een checklist, zodat je zeker niets over het hoofd ziet. Bijna alle zaken die we hier bespreken zijn van toepassing voor elke huurder.

3.1.     Domicilie

Voor de vluchteling als kandidaat-huurder is het belangrijk dat hij of zij zich kan domiciliëren op het adres van de huurwoning. Het gaat dus om een verhuring van de hoofdverblijfplaats voor de huurder. Zonder domicilie verlies je als huurder immers heel wat rechten.

3.2.      Huurcontract

Als verhuurder ben je wettelijk verplicht om een huurcontract op te stellen [4]. Hier vind je een voorbeeld van een huurcontract. Hierbij moet je rekening houden met een aantal elementen uit de huurwet. Zo moeten de huurprijs en huurtermijn in het contract vastgelegd worden. Deze federale regelgeving is van toepassing in zowel Vlaanderen als Brussel [5].

Bij voorkeur stel je het huurcontract op in drievoud: één exemplaar voor jezelf als verhuurder, één voor de huurder, één voor de administratie (voor de registratie van je huurcontract, zie punt 2.2.4).

3.3.     Plaatsbeschrijving

Naast het opstellen van een huurcontract ben je ook verplicht om samen met je huurder een plaatsbeschrijving op te stellen [6]. Bij het opstellen van de plaatsbeschrijving ga je samen met je huurder door het hele huis of appartement en noteer je alle aanwezige goederen zo gedetailleerd mogelijk, inclusief muren, elektriciteit, lichtschakelaars … Hier vind je een modelformulier van een plaatsbeschrijving.

Bij afloop van het huurcontract doe je samen met je huurder hetzelfde, om na te gaan of er eventuele huurschade is. Tenzij de schade of slijtage niet onder de verantwoordelijkheid van de huurder ressorteert [7] is het de principiële verplichting van de huurder om het gehuurde goed in zijn oorspronkelijke staat terug ter beschikking te stellen aan de verhuurder. De kosten zullen dan beraamd worden. De huurder kan een aantal zaken tegen een bepaalde termijn herstellen of er wordt een beroep gedaan op een vakman. Afhankelijk van de kosten zal de huurwaarborg slechts gedeeltelijk aan de huurder terugbetaald worden. Een voorbeeld van een plaatsbeschrijving bij het verlaten van de woning vind je hier

3.4.     Registratie

Je bent als verhuurder verplicht om zowel het huurcontract als de plaatsbeschrijving te registreren. Door de huurovereenkomst te registreren krijgt het ‘vaste datum’, wat wil zeggen dat het contract bindend is. Zo zijn zowel huurder als verhuurder beschermd. De huurder is beschermd tegen uithuiszetting bij verkoop van de woning. Als verhuurder ben je wettelijk zeker dat de huurder de opzegtermijn moet respecteren.

Het registreren van een huurcontract is gratis indien je dit binnen de twee maanden na de start van het huurcontract doet. Wacht je langer, dan riskeer je een boete. Via deze website  kan je een registratiekantoor in je buurt zoeken, maar je kan de registratie ook online doen.

Met de ondertekende huurcontracten ga je naar het registratiekantoor. Let op, de administratie houdt één exemplaar zelf. Daarom stel je best drie exemplaren van je huurcontract op: één voor de verhuurder, één voor de huurder en één voor de administratie. Om je huurcontract te registreren moet het minstens volgende vermeldingen bevatten:

  • naam, voornaam, geboortedatum, geboorteplaats, adres van huurder en verhuurder;
  • adres en beschrijving van het gehuurde goed;
  • de datum waarop het contract ingaat, en de duur van het huurcontract;
  • de huurprijs;
  • de datum van ondertekening;
  • de handtekeningen van huurder en verhuurder op alle exemplaren.

De regelgeving voor het registreren van een huurcontract is een federale regelgeving en is bijgevolg van toepassing in het hele land.  

 

3.5.     Huurinkomsten

De huurinkomsten die je ontvangt van de verhuur van je woning of appartement moet je aangeven via het kadastraal inkomen (K.I.) en worden forfaitair belast als inkomsten van onroerende goederen. Dit wil zeggen dat je niet belast wordt op de werkelijke huurinkomsten van de woning die je verhuurt, maar op het K.I. van deze woning. Als je wil weten wat de invloed is op je belastingen, kan je een simulatie doen op Taks-Calc. Voor meer informatie kan je terecht bij je lokaal taxatiebureau. Informatie over dit bureau kan je vinden op de achterkant van je laatste aanslagbiljet. We bespreken hier kort hoe je de inkomsten van een woning of appartement, al dan niet gemeubeld, aangeeft. 

Onroerend goed

Wanneer je een tweede woning bezit, die je voor eigen gebruik houdt of die je verhuurt voor privégebruik van de huurder, dan moet je dit aangeven in je personenbelasting. Je wordt belast op het geïndexeerde kadastraal inkomen [8] van deze woning (ongeacht de huurinkomsten). Het geïndexeerde K.I. vul je in onder code 1106/2106[9].  Het geïndexeerde K.I. wordt verhoogd met 40%. Dit bedrag wordt bij je andere inkomsten gevoegd en belast[10]
Naast de personenbelasting betaal je, net zoals elke eigenaar van een woning, onroerende voorheffing.

Voorbeeld verhuur ongemeubileerde woning:

Je verhuurt een woning met een K.I. van €1000. Bij je belastingaangifte vul je het kadastraal inkomen in bij code  1106/2106. Het geïndexeerde K.I. is dan € 1.749. Dit bedrag vermenigvuldig je met 140%: 2.448,60€. Dit bedrag wordt bij je gezamenlijk belastbare inkomsten gevoegd.  

Roerend goed – verhuur meubilair     

Verhuur je een gemeubelde woning? De verhuring van  meubilair wordt belast als een inkomen van roerende goederen. De huurinkomsten moet je aangeven in je personenbelasting, en dit in de code 1156-08.  

Als  in de huurovereenkomst één huurprijs wordt bepaald voor de gezamenlijke huur van de woning én het meubilair, dan wordt de huurprijs geschat op 60% van de totale huurprijs. De overige 40% wordt dan geacht de vergoeding  te zijn van de huur van de meubelen, verminderd met 50% kosten (voor slijtage en onderhoud).  Op  het bedrag dat je hier overhoudt betaal je 25% belastingen. Dit vast belastingtarief houdt een wezenlijk verschil in met de belasting op de onroerende inkomsten uit verhuur die tegen de proportionele aanslagtarieven gebeurt.
 

Voorbeeld verhuur bemeubeld appartement:

Je verhuurt een gemeubeld appartement aan €600 per maand. Deze huurprijs omvat de huur van het appartement en van het meubilair.

De huur van het meubilair wordt geschat op €240 (40% van €600). Hiervan wordt 50% forfaitaire kosten afgehouden. De netto inkomsten voor je personenbelasting komen dan neer op €120 per maand voor de verhuur van het meubilair. Je zal hiervoor dus €30 aan de belastingen moeten betalen (25% van €120). Daarnaast moet je natuurlijk ook de huurinkomsten van de woning op zich aangeven op basis van het K.I. (zie hierboven).

3.6.     Schulden en inbeslagname bij gemeubileerde verhuur

Wat gebeurt er als de huurder van je gemeubileerde woning of appartement schulden heeft, en deze niet betaalt? De deurwaarder kan eigendom van de huurder in beslag nemen om de schulden te betalen. Als je de woning gemeubileerd verhuurt is het belangrijk dat je kan aantonen dat bepaalde meubels in de woning van jou zijn. Dit kan je bewijzen aan de hand van een plaatsbeschrijving, én door het bijhouden van je aankoopbewijzen. 

Met een geregistreerde plaatsbeschrijving en aankoopbewijzen moet de gerechtsdeurwaarder echter geen rekening houden. De kans dat hij je spullen dus toch in beslag neemt is bestaande. De gerechtsdeurwaarder kan je eventueel doorverwijzen naar de beslagrechter voor een revindicatievordering. Dit is een procedure voor de rechtbank waarin jij, als je bewijzen hebt, je spullen kan terugkrijgen. Deze procedure is echter zeer omslachtig en het is aangeraden hiervoor een advocaat te nemen. In deze procedure houdt de beslagrechter volgens Art. 1514[11] van het gerechtelijk wetboek wel rekening met aankoopbewijzen en bewijzen van eigendom. Het is belangrijk dat je de dagvaarding laat betekenen voordat de verkoop van de goederen plaatsvindt.

3.7.     Brandverzekering

Het afsluiten van een brandverzekering is in België niet wettelijk verplicht, maar het is aan te raden in het kader van contractuele verplichtingen die voortvloeien uit een huurcontract. Je kan de huurder contractueel verplichten om een brandverzekering af te sluiten[12]. Toch blijft het belangrijk dat je je als verhuurder zelf ook verzekert omdat je huurder niet verzekerd zal zijn voor o.a. stormschade. Als verhuurder kan je je daarom best ook verzekeren[13].

 

4.     Een kamer in je (huur)woning verhuren

Heb je een kamer vrij in je woning en wil je deze verhuren aan een erkend vluchteling? We bespreken hier een aantal zaken waar je rekening mee moet houden. Bekijk ook de checklist. Om zeker te zijn dat je met alle regelgeving in orde bent, ga je best nog even langs de Dienst Wonen van je gemeente of stad.

4.1.     Domicilie

Voor de vluchteling als kandidaat-huurder is het belangrijk dat hij of zij zich kan domiciliëren op het adres. Want zonder domicilie verlies je een heel aantal rechten. Als hij of zij een alleenstaande is, en recht heeft op leefloon, kan het zijn dat het OCMW het leefloon als samenwonende toekent (€578,27 per maand) in plaats van alleenstaande (€867,40 per maand). De persoon huurt immers een kamer in een huis, en niet een appartement alleen. Indien je kan aantonen dat je een gescheiden huishouden hebt, stemmen sommige OCMW’s in met een leefloon als alleenstaande. Voor een alleenstaande ouder, of voor een koppel met kinderen, heeft samenwonen geen impact op het leefloon. Zij worden als gezin beschouwd.

Is domicilie van de huurder onmogelijk in uw woning? In sommige situaties kent het OCMW tijdelijk een referentie-adres voor daklozen toe.

4.2.     Ruimtelijke ordening

In sommige situaties zal Ruimtelijke Ordening oordelen dat je een ondergeschikte wooneenheid creëert indien er twee aparte gezinnen (ook alleenstaanden) onder één dak wonen. Dit geldt bijvoorbeeld wanneer er afzonderlijke ingangen, deurbellen of brievenbussen zijn. Maar ook als elk gezin beschikt over een afzonderlijke keuken en/of badkamer, als er afzonderlijke rekeningen zijn voor telefoon, internet, etc.  

Voor de creatie van een ondergeschikte wooneenheid moet je in principe een vergunning aanvragen. Een wijziging van een besluit van de Vlaamse Regering op 15 juli 2016[14], zet deze vergunningsplicht in sommige situaties om in een meldingsplicht. Artikel 5/1 luidt als volgt:

Ҥ1. Voor het opsplitsen van een woning of voor het wijzigen in een gebouw van het aantal woongelegenheden die hoofdzakelijk bestemd zijn voor de huisvesting van een gezin of een alleenstaande, ongeacht of het gaat om een eengezinswoning, een etagewoning, een flatgebouw, een studio of een al dan niet gemeubileerde kamer, wordt de vergunningsplicht vervangen door een verplichte melding als aan al de volgende voorwaarden voldaan is:

1°    in een bestaande woning wordt één ondergeschikte wooneenheid gecreëerd;

2°    de ondergeschikte wooneenheid vormt één fysiek geheel met de hoofdwooneenheid;

3°    de ondergeschikte wooneenheid, daaronder niet begrepen de met de hoofdwooneenheid gedeelde ruimten, maakt maximaal één derde uit van het bouwvolume van de volledige woning;

4°    de creatie van de ondergeschikte wooneenheid gebeurt met het oog op het huisvesten van:

    a)  hetzij asielzoekers en vluchtelingen die op grond van artikel 6, §1, vierde lid, en artikel 8, §1, van de wet betreffende de opvang van asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen van 12 januari 2007 de opvang van Fedasil moeten verlaten;

    b)  hetzij burgers wiens woning onbewoonbaar is geworden door onvoorziene omstandigheden;

5°    de huisvesting is tijdelijk voor een totale duur van maximaal drie jaar per goed;

6°    de eigendom, of ten minste de blote eigendom, op de hoofd- en de ondergeschikte wooneenheid berust bij dezelfde titularis of titularissen.

§2. Het beëindigen van het opsplitsen van een woning of het wijzigen in een gebouw van het aantal woongelegenheden, bedoeld in paragraaf 1, is eveneens meldingsplichtig.”[15].

Het melden van de creatie van een ondergeschikte wooneenheid doe je door het meldingsformulier ‘tijdelijk wonen’ hier te downloaden. Het ingevulde formulier stuur je per aangetekende brief naar het college van burgemeester en bchepenen van je gemeente. Je kan het ingevulde document ook indienen bij  de dienst Ruimtelijke Ordening van je gemeente en een ontvangstbewijs vragen. Ten minste dertig dagen na het afgeven van je meldingsformulier ontvang je een aktename van melding. De mededeling van aktename van melding wordt in de vorm van een groot geel formulier aan je woning aangeplakt. Er is een beroepstermijn van 45 dagen. De huurder kan verhuizen naar jouw woning van zodra je de aktename van melding hebt ontvangen. Je moet dus niet wachten tot de beroepstermijn van 45 dagen is verstreken.

Wil je de melding van de creatie van een ondergeschikte wooneenheid opheffen? Dan vul je hetzelfde formulier in, maar duid je het vakje 'stopzetting'' aan. Dit formulier bezorg je eveneens aan de dienst Ruimtelijke Ordening van je gemeente of via een aangetekende brief aan het college van burgemeester en schepenen.

Komt er enkel iemand bij je inwonen en delen jullie dus keuken, badkamer en kosten? Dan is er geen sprake van het vermeerderen van het aantal woongelegenheden en moet je dus ook geen vergunning hebben of een melding doen.

Bevindt je woning zich in Brussel? Dan is de regelgeving anders. Je moet sowieso een stedenbouwkundige vergunning aanvragen omdat je het gebruik van een goed geheel of gedeeltelijk wijzigt[16]. Dit is ook verplicht als je niet van plan bent om werken uit te voeren aan de woning. Je downloadt het aanvraagformulier voor een vergunning hier. Het ingevulde formulier stuur je via een aangetekende brief naar het College van Burgemeester en Schepenen van je gemeente. Ofwel geef je het ingevulde document af bij de dienst Stedenbouw van je gemeente en vraag je een ontvangstbewijs. Binnen dertig dagen na het indienen van het formulier ontvang je een ontvangstbewijs als het dossier volledig is of een ontvangstbewijs van onvolledig dossier met de lijst van ontbrekende documenten[17]. Meer informatie over de procedure kan je hier vinden.

Na het ontvangen van de vergunning kan de huurder nog niet onmiddellijk verhuizen. Er is immers een periode van 20 dagen waarin de gemachtigde ambtenaar tijd heeft om zijn toezichthoudende bevoegdheid uit te oefenen. In deze periode gaat de gemachtigde ambtenaar na of de vergunning rechtsmatig is afgeleverd[18]. Dit betekent dat de huurperiode pas kan beginnen twintig dagen nadat je de vergunning hebt ontvangen.

Inschrijving in het Rijksregister

De persoon die in de ondergeschikte wooneenheid zal wonen, kan in het Rijksregister ingeschreven worden onder een specifieke code. Door inschrijving op deze code worden jullie niet als één gezin beschouwd, ook al woon je op hetzelfde adres. Dit is belangrijk als jij en/of de huurder een uitkering ontvangen. Die daalt namelijk wanneer je als samenwonende wordt beschouwd. Deze code wordt momenteel aangemaakt door de FOD Binnenlandse Zaken. Vraag hiernaar bij de inschrijving in de gemeente.

4.3.     Impact op uitkeringen

Als je een uitkering ontvangt (werkloosheidsuitkering, invaliditeitsuitkering, leefloon,…) kan het verhuren van een deel van je eigen woning een invloed hebben op het bedrag dat je ontvangt. In deze brochure lees je alles over de impact van samenwonen op uitkeringen.

4.4.     Schriftelijk akkoord verhuurder

Als huurder kan je een kamer in je woning verhuren. Dan spreken we van onderverhuur. Indien in het huurcontract niet is opgenomen dat je mag onderverhuren, heb je schriftelijke toestemming van de verhuurder nodig. Je kan hiervoor eerst telefonisch overleggen met je verhuurder, en vervolgens per brief toestemming vragen. Een voorbeeld van zo’n brief vind je hier.

Als hoofdhuurder blijf jij je hoofdverblijfplaats behouden in het huis of appartement waarvan je een deel wil onderverhuren. Onderverhuren betekent dat jij als hoofdhuurder een onderverhuurcontract afsluit met de onderhuurder. Als hoofdhuurder ben jij het aanspreekpunt voor de verhuurder én ben je verantwoordelijk voor de onderhuurder. De verhuurder heeft in principe geen contract/relatie met de onderhuurder. Het onderverhuurcontract is onderhevig aan alle bepalingen (in bijzonder termijnen) van het hoofdhuurcontract. Het onderverhuurcontract kan bijvoorbeeld nooit langer duren dan het hoofdhuurcontract. 

Heb je meer vragen over onderverhuur, dan kan je contact opnemen met de huurdersbond in je regio. Je vindt de verschillende kantoren terug op http://huurdersplatform.be/hb/. Let wel, je moet lid zijn om verder geholpen te worden door de huurdersbond.

4.5.     Huurcontract

Je bent wettelijk verplicht om een huurcontract op te stellen, indien je huurder zijn hoofdverblijfplaats in je woning zal hebben. Hierbij moet je rekening houden met een aantal elementen uit de huurwet, namelijk: de huurprijs en huurtermijn moeten in het contract vastgelegd worden. Als je zelf huurder bent stel je verplicht een onderverhuurcontract op. Deze regelgeving geldt zowel in Vlaanderen als Brussel.

Net zoals een verhuurder van een woning moet je je huurcontract registreren. Lees hierover meer in '2.2.4. Registratie’.

4.6.     Plaatsbeschrijving

Naast het opstellen van een huurcontract ben je volgens artikel 1730 van het Burgerlijk Wetboek ook verplicht om samen met je huurder een plaatsbeschrijving op te stellen[19]. Bij het opstellen van de plaatsbeschrijving ga je samen met je huurder door de gemeenschappelijke vertrekken van de woning en de privé vertrekken van je huurder. Je noteert alle aanwezige goederen zo gedetailleerd mogelijk (ook muren, elektriciteit, lichtschakelaars,…).

Bij afloop van het huurcontract doe je samen met je huurder hetzelfde. Tenzij de schade of slijtage niet onder de verantwoordelijkheid van de huurder ressorteert[20] is het de principiële verplichting van de huurder om het gehuurde goed in zijn oorspronkelijke staat terug ter beschikking te stellen aan de verhuurder. De kosten zullen dan beraamd worden. De huurder kan een aantal zaken tegen een bepaalde termijn herstellen of er wordt een beroep gedaan op een vakman. Afhankelijk van de kosten zal de huurwaarborg slechts gedeeltelijk aan de huurder terugbetaald worden. Een voorbeeld van een plaatsbeschrijving bij het verlaten van de woning vind je hier

4.7.     Huishoudelijk reglement

Wanneer je een kamer verhuurt in je woning, zal je bepaalde ruimtes in het huis delen, zoals de keuken of badkamer. Door het opstellen van een huishoudelijk reglement bij aanvang van de verhuur, kan je enkele regels verduidelijken waar iedere bewoner zich aan moet houden. Deze regels kunnen gaan over afval buiten zetten, afspraken rond bezoek en geluid,… Een voorbeeld van een huishoudelijk reglement vind je hier.

4.8.     Huurinkomsten

Zie 3.5. huurinkomsten.

Een belangrijk verschil is echter dat je bij de berekening enkel met het deel van het kadastraal inkomen dat verhuurd wordt rekening moet houden.Je werkelijke inkomsten van de verhuurde kamer moet je dus niet meerekenen. 

Voorbeeld verhuren gemeubileerde kamer

Je hebt een woning met een K.I. van €1000. Je verhuurt een gemeubileerde kamer die de grootte van 1/5e van de woning heeft, aan een natuurlijk persoon voor €200 per maand van 1/03/2017 tot 31/05/2017.

Aan te geven:

Code 1106/2106 [21](kamer): €1.000 x 1/5 (= deel dat wordt verhuurd) x 92/365 (= de kamer werd slechts voor een deel van het jaar verhuurd) = €50,41. Dit bedrag vul je in bij code 1106/2106. Om te weten hoeveel bij je inkomsten gerekend zal worden doe je volgende berekening: €50,41 x 1,7491 (indexeringscoëfficiënt)= €88,17. Hiervan 140% = €123,44 is het bedrag dat wordt toegevoegd aan je inkomsten. 
Code 1156/2156 (meubels): €600 (= totale ontvangen huur) x 40% (= deel verhuur meubels) x 50% (= forfaitaire kosten) = €120. Er wordt €30 aan je inkomsten toegevoegd (25% van €120).

Onderhuurinkomsten

Ben je zelf huurder en verhuur je een kamer onder? Dan moet je het totaal van de ontvangen huur en de eventuele voordelen genoten uit de onderverhuring aangeven bij de rubriek ‘diverse inkomsten’ in de personenbelasting[22].

4.9.     Schulden en inbeslagname

Als je (onder)huurder schulden zou maken en deze niet betaalt, kan het zijn dat de gerechtsdeurwaarder zijn spullen in beslag komt nemen. Het is dan belangrijk dat jij kan bewijzen welke goederen van jou zijn en welke niet. Dit kan je bewijzen aan de hand van een plaatsbeschrijving, én door het bijhouden van je aankoopbewijzen (zowel jij als de huurder). 


Met een geregistreerde plaatsbeschrijving en aankoopbewijzen moet de gerechtsdeurwaarder echter geen rekening houden. De kans dat hij je spullen dus toch in beslag neemt is bestaande. De gerechtsdeurwaarder kan je eventueel doorverwijzen naar de beslagrechter voor een revindicatievordering. Dit is een procedure voor de rechtbank waarin jij, als je bewijzen hebt, je spullen kan terugkrijgen. Deze procedure is echter zeer omslachtig en het is aangeraden hiervoor een advocaat te nemen. In deze procedure houdt de beslagrechter volgens Art. 1514 [23]van het gerechtelijk wetboek wel rekening met aankoopbewijzen en bewijzen van eigendom. Het is belangrijk dat je de dagvaarding laat betekenen voordat de verkoop van de goederen plaatsvindt.

4.10.   Brandverzekering

Het afsluiten van een brandverzekering is in België niet verplicht, toch is dit heel sterk aan te raden. Als je eigenaar bent van een woning, heb je normaal gezien zelf een brandverzekering. Je kan best aan je verzekeraar aangeven dat je een kamer verhuurt en melden dat je wil dat dit zonder bijkomende kosten wordt opgenomen in je eigen polis. Normaal gezien wordt er in dit geval een clausule aan je contract toegevoegd, zonder extra kosten. Als de verzekeraar dit niet toestaat, kan je aan je huurder vragen dat hij een brandverzekering afsluit voor zijn eigen kamer. Dit zal de huurder dan ongeveer €100/jaar kosten.

Als verhuurder is het sowieso verstandig om ervoor te zorgen dat de huurder op een van bovenstaande manieren toch verzekerd is.

Ben je zelf huurder en verhuur je een kamer in je woning? Jij blijft aansprakelijk tegenover de verhuurder in geval van schade of brand, zelfs wanneer die werd veroorzaakt door de onderhuurder. Het is belangrijk dat je je onderhuurder mee verzekert in jouw polis of dat je huurder zich zelf verzekert zoals hierboven uitgelegd.

Je kan als verhuurder of hoofdhuurder je huurder contractueel verplichten om een brandverzekering te nemen, door dit in het contract op te nemen[24].

4.11.   Impact op je woonbonus

Ben je eigenaar van een woning, heb je een hypothecaire lening én verhuur je een kamer in je huis? Dan heb je slechts gedeeltelijk recht op de Vlaamse woonbonus. De woonbonus geldt immers enkel voor het gedeelte ‘eigen woning’ (het gedeelte van de woning dat je privé gebruikt). Voor het gedeelte dat je verhuurt, kan je aanspraak maken op federale belastingvoordelen, zoals het federale langetermijnsparen. Let wel, de gewestelijke belastingvoordelen (zoals woonbonus) hebben voorrang op de federale[25]

Voor de berekening van je belastingvoordelen bereken je eerst het kadastraal inkomen van het deel 'eigen woning' (het deel van je woning waarin je zelf woon), en van het deel 'niet-eigen woning' (het deel van de woning dat je verhuurt). 
Bijvoorbeeld: je woning heeft een K.I. van €1.000, je hebt hiervoor in  2013 een lening van €77.000 afgesloten. Je verhuurt 20% van je huis, dan is €800 het K.I. van je ‘eigen woning’ en €200 het K.I. van je 'niet-eigen woning'. Je hebt in het voorgaande jaar €6.000 kapitaalaflossing gedaan en €3.000 aan interesten betaald. 

Vlaamse woonbonus

In Vlaanderen geniet je van een belastingvermindering van 40% op het kadastraal inkomen van je enige en eigen woning[26]. Bij code 3334 of code 3342 (afhankelijk van wanneer je je lening bent aangegaan) vul je de kapitaalaflossing en interesten in die je het voorgaande jaar betaald hebt voor de eigen woning. In dit voorbeeld is dat dus (€6000 + €3000) x 80% = € 7200,00[27]. Stel dat je recht hebt op een vermindering van 40%, dan zal in dit voorbeeld €2.880 in mindering worden gebracht. 

Federaal langetermijnsparen

Om het federale langetermijnsparen te berekenen kijk je in deze tabel naar het jaar waarin je je hypothecaire lening bent aangegaan. Is jouw totale aangegane lening lager dan het bedrag in de rechter kolom, dan vul je het bedrag van je kapitaalaflossing van het voorbije jaar in bij code 1358.

Bijvoorbeeld: In plaats van een lening van €77. 000, ben je in 2013 een lening van €70.000 aangegaan. Dit is een lager bedrag dan in de kolom, dus je vult in (€6.000 x 20%) = €1.200 bij code 1358. Van dit bedrag wordt 30% in mindering gebracht in je personenbelasting, wat in dit voorbeeld €360 zal zijn. 
Als je echter meer hebt geleend dan het bedrag in de rechter kolom, maak je volgende berekening:  (kapitaalaflossing x percentage niet-eigen woning) x bedrag tabel/ totaal geleende bedrag. Bijvoorbeeld: (€6.000x20%) x 75 270 / 77 000 = €1.200 x 0,98 = €1.176. Je vult dus €1.176 in bij code 1358. Van dit bedrag wordt 30% in mindering gebracht in je personenbelasting, wat in dit voorbeeld €352,80 zal zijn.

Let wel, zodra de korf van je woonbonus volledig op is, kan je geen voordeel meer halen  uit het federale belastingvoordeel. 
In code 1146 vul je het bedrag in van de interesten die je hebt afbetaald voor het deel dat je verhuurt. Dus €3.000 x 20 % = €600. Ook hiervan wordt 30% in mindering gebracht, in dit geval €180.
Om te berekenen wat de impact voor jou situatie zal zijn, kan je een simulatie doen op Taks-Calc.

 

5. Interessant om te weten

5.1. Het huurgarantiefonds

Ken je het huurgarantiefonds? Dit fonds garandeert (deels) de betaling van de huur, in geval van achterstallige betaling. Het voorkomt tevens uithuiszetting van de huurder. Het huurgarantiefonds is weinig gekend. Meer informatie over het huurgarantiefonds vind je op www.wonenvlaanderen.be/premies/het-vlaams-huurgarantiefonds-bescherm-uze....

5.2. Andere verhuurmogelijkheden

Een woning verhuren aan een vluchteling is voor jou misschien niet de beste of meest gewenste keuze. Er zijn nog andere mogelijkheden.

 

5.2.1. Verhuren via een sociaal verhuurkantoor

Wil je graag je woning verhuren aan erkende vluchtelingen of andere kwetsbare doelgroepen, maar ben je ongerust over mogelijke problemen? Dan is verhuren aan een sociaal verhuurkantoor (SVK) misschien een goede oplossing voor jou.

Verhuren aan een sociaal verhuurkantoor heeft heel wat voordelen.

  • Elke maand stipt uw huur betaald

Als verhuurder teken je een huurcontract met het sociaal verhuurkantoor voor een periode van minimum 9 jaar (in Brussel 3 jaar). Het sociaal verhuurkantoor zorgt voor sociale huurders, en sluit met hen een onderverhuurcontract af. Maandelijks betaalt het SVK aan jou de huur, ook wanneer de woning leegstaat of wanneer de sociale huurder niet betaalt. Het SVK is hoofdhuurder ten opzichte van de sociale huurders en dus verantwoordelijk voor alle huurdersverplichtingen. Je hebt geen contact met de sociale huurders en bent zeker dat je elke maand huur ontvangt.

  • Administratieve opvolging en begeleiding van de huurder

Het verhuurkantoor neemt heel wat administratieve rompslomp en verantwoordelijkheden van jou over. Zo staat het SVK in voor het opmaken van een plaatsbeschrijving bij aanvang van de huurperiode. Zij verbinden zich ertoe aan het einde van de huurperiode de woning in dezelfde staat terug te geven (rekening houdend met slijtage). Zij staan in voor bepaalde administratieve handelingen zoals registratie van het huurcontract, brandverzekering, en dergelijke. Zij zien ook toe op de organisatie van eventuele herstellings- en onderhoudswerkzaamheden (zoals het reinigen van de verwarmingsketel) voor rekening van de huurder. Indien nodig krijgen bepaalde huurders huurbegeleiding.

  • Belastingverminderingen en subsidies

Als je je woning verhuurt aan een sociaal verhuurkantoor dan kan je in aanmerking komen voor een aantal premies en verminderingen zoals renovatiepremie, verbeteringspremie … Je geniet ook van een verlaagd tarief voor de onroerende voorheffing. Soms kan je via de provincie of stad een aanvullende premie krijgen voor renovatiewerken indien de woning aan een SVK verhuurd wordt.

In ruil voor deze voordelen verwacht men van de verhuurder een aantal tegemoetkomingen.

  • Een billijke huurprijs

Een sociaal verhuurkantoor vraagt in ruil voor hun werk aan de verhuurder geen commissieloon, maar wel een billijke huurprijs. Die zal onder de gemiddelde huurprijs op de privémarkt liggen.

  • Het SVK bepaalt de huurders

Als verhuurder beslis je niet meer wie in de woning komt wonen. Dit doet het verhuurkantoor op basis van een puntensysteem waarbij de meest kwetsbaren eerst gehuisvest worden.

  • Een lange verhuurperiode

Om de werking van de SVK’s mogelijk te maken, vragen zij een verhuurcontract van 9 jaar. Dit wil zeggen dat je gedurende deze periode zeker bent van je maandelijkse huurinkomsten, zelf geen huurders moet zoeken en geen administratieve rompslomp hebt. Aan de andere kant kan je het verhuurcontract niet zomaar opzeggen. Moest je de woning verkopen, dan blijft de nieuwe eigenaar eveneens gebonden door het contract. Dat geldt ook voor de erfgenamen. Indien jij, of een familielid, besluit om zelf in de woning te gaan wonen, kan het contract wel kosteloos opgezegd worden.

Voor meer informatie kan je kijken op:

https://www.vmsw.be/sociaalverhuurkantoor 

https://www.wonenvlaanderen.be/verhuren/verhuren-aan-een-sociaal-verhuur...

 

5.2.2. Verhuren via een VZW

Verschillende vzw's bieden extra begeleidingsmogelijkheden of financiële ondersteuning voor verhuurders en huurders. 

Huizen van Vrede vzw

Huizen van Vrede is een Brugse vzw. De vzw huurt de huizen van private huurders, en verhuurt onder aan vluchtelingen. Aan verhuurders bieden zij volgende garanties: 

  1. Zij begeleiden de onderhuurder in het goed onderhouden van hun eigendom, en in het verzorgen van een goed nabuurschap.
  2. Zij overwinnen de taalbarrière voor de verhuurder.
  3. Zij zorgen voor een stipte uitvoering van het huurcontract, zoals elke goede huurder. Met andere woorden : niet alleen een huurwaarborg en een stipte betaling van de huur, maar ook op het einde van het huurcontract : de verhuurder krijgt de woning terug in de staat zoals bij de aanvang van het huurcontract (behoudens uiteraard de normale slijtage).

Zij richten zich op dit ogenblik enkel naar woningen op het grondgebied van Groot-Brugge. 

Contactgegevens:

E-mail: huizenvanvrede@telenet.be
Johan Vanhollemeersch, voorzitter, Abdijbekestraat 56, 8200 St-Andries, 050 67 08 93
René Tytgat, bestuurder, Abdijbekestraat 8 bus 20, 8200 St-Andries, 0498 85 68 39

Lees hier ook de flyer. 

Woonhulp voor vluchtelingen Lier

Deze vzw in Lier ondersteunt erkende vluchtelingen in hun zoektocht naar een woning, via woonclubs. Verhuurders in regio Lier, die graag willen verhuren aan vluchtelingen, kunnen contact opnemen met de vzw om te bekijken of zij de woning kunnen inhuren en vervolgens onderverhuren aan vluchtelingen. 

Neem hiervoor contact op via e-mail: woonhulp.regiolier@gmail.com 

 

5.2.3. Ben je op zoek naar interessante praktijkvoorbeelden?

Neem dan eens kijkje bij het project Solidair Wonen in Sint-Niklaas. Drie organisaties (VLOS, CAW en Straathoekwerk) huren samen grote woningen. Via een aangepast contract kunnen vluchtelingen en Belgen dan tegen een betaalbare prijs een deel van de woning huren. (http://www.vlos.be/VLOS/index.php/materiele-ondersteuning/materiele-onde...)

House of Colours heeft woningen in Vosselaar en Turnhout waar ze erkende vluchtelingen huisvesten, ondersteunen en versterken. Meer informatie vind je op: www.houseofcolours.be

Collectief Goed cvba-so is een nieuw coöperatief woonmodel dat goede, betaalbare woningen verhuurt aan kwetsbare gezinnen in Antwerpen. De coöperatieve is gegroeid uit een samenwerking tussen Samenlevingsopbouw, Dienstenthuis, CAW Antwerpen en De Ideale Woning. Meer informatie vind je op: http://collectiefgoed.be/

5.3. Tolken

Is het moeilijk te communiceren omwille van taalverschillen? Vraag bij het Centrum Algemeen Welzijnswerk (CAW) na of zij je kunnen helpen met bemiddeling en tolken. Een CAW in je buurt kan je vinden via: www.caw.be/caw-in-je-buurt .

Vrijwilligersgroepen in je regio hebben vaak een uitgebreid netwerk, en kunnen je mogelijks helpen bij het vinden van iemand die informeel wil tolken. Neem een kijkje op de webpagina van Vluchtelingenwerk Vlaanderen, en kijk tussen de leden, vrijwilligersgroepen en het Gastvrij Netwerk naar een groep in je regio: http://www.vluchtelingenwerk.be/wie-we-zijn .

 

6.   Nog vragen?

Vluchtelingenwerk Vlaanderen helpt je graag verder! 

Met al je vragen die te maken hebben met asielzoekers en vluchtelingen kan je terecht bij de Vluchtelingen Infolijn. Elke werkdag tussen 10u en 12u en tussen 14u en 16u. Bel naar 02 225 44 00 of stuur een mail naar info@vluchtelingenwerk.be

Ga naar de website van Vluchtelingenwerk Vlaanderen, en vind nog meer interessante informatie over huisvesting op www.vluchtelingenwerk.be/huisvesting

 

Neem ook eens kijkje bij deze organisaties:

Orbit vzw – project Woning gezocht – buren gevonden: www.woninggezocht.be

Platform Kinderen op de Vlucht: www.kinderenopdevlucht.be

Centrum Algemeen Welzijnswerk: www.caw.be/caw-in-je-buurt

Wonen Vlaanderen: www.wonenvlaanderen.be

Verenigde Eigenaars: www.ve-pr.be

 

 

 

Voetnoten

[1] Meer informatie over verblijfsrechten kan je vinden op http://www.kruispuntmi.be/thema/vreemdelingenrecht-internationaal-privaa....

[2] De erkenningsgraad is het percentage asielzoekers dat een verblijfsstatuut krijgt. Deze cijfers worden maandelijks gepubliceerd door het Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen.

[3] Men kan Fedasil tweemaal vragen om een maand langer in de asielopvang te verblijven. Afhankelijk van verschillende indicatoren wordt beslist of de erkende vluchteling dit uitstel ontvangt, en dus tot vier maanden in de asielopvang kan verblijven.

[4]  Art. 1bis BW  betreffende de huurovereenkomsten met betrekking tot de hoofdverblijfplaats van de huurder in het bijzonder, BS 22 februari 1991.

[5] Leefmilieu Brussel, “Huurwet”, Wonen in Brussel, via http://www.woneninbrussel.be/huren-brussel/huurwet geraadpleegd op 9 mei 2017.

[6] Art.1730 BW betreffende de wijze van eigendomsverkrijging, BS 3 september 1807.

[7] Stel bijvoorbeeld dat de schade voortvloeit uit een onderhoudsverplichting ten laste van de verhuurder die hij/zij zou niet hebben waargemaakt.

[8]Het geïndexeerde K.I. bereken je door het K.I. te vermenigvuldigen met de indexatiecoëfficiënt. De coëfficiënt wordt elk jaar vastgelegd door de FOD Financiën. Voor het aanslagjaar 2016 bedroeg deze 1.7491. 

[9] “Huurinkomsten”, Federale overheidsdienst Financiën, via http://financien.belgium.be/nl/particulieren/belastingaangifte/belastbaa... op 9 mei 2017.

[10]“Kadastraal inkomen”, Federale overheidsdienst Financiën, via http://financien.belgium.be/nl/particulieren/ woning/kadastraal_inkomen... geraadpleegd op 9 mei 2017.

[11]Art. 1514 Ger. W. betreffende bewarend beslag, middelen tot tenuitvoerlegging en collectieve schuldenregeling, BS 31 oktober 1967.

[12] “Welke verzekeringen zijn verplicht voor particulieren?”, 123Verzekeringen.be via http://www.123verzekeringen.be/welke-verzekeringen-zijn-verplicht-voor-p... geraadpleegd op 9 mei 2017.

[13]“Is een brandverzekering verplicht voor verhuurders?” P&V, via https://www.pv.be/dossiers/woning/woning-verzekeren/brandverzekering-ver... geraadpleegd op 9 mei 2017.

[14]B. Vl. Reg. 16 juli 2010 betreffende de meldingsplichtige handelingen ter uitvoering van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, BS 10 september 2010.

[15] Art. 5/1 B. Vl. Reg. 16 juli 2010 betreffende de meldingsplichtige handelingen ter uitvoering van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, BS 10 september 2010.

[16] Art. 98 BWRO, BS 26 mei 2004.

[17]“Behandeling van het dossier”,  Stedenbouw Brussel, via http://stedenbouw.irisnet.be/vergunning/de-vergunningsaanvraag/behandeli... geraadpleegd op 9 mei 2017.

"[18] Na de vergunning", Stedenbouw Brussel, via http://stedenbouw.irisnet.be/vergunning/apres-le-permis  geraadpleegd op 9 mei 2017.

[19]Art. 1730 BW betreffende wijze van eigendomsverkrijging, BS 3 september 1807.

[20]Stel bijvoorbeeld dat de schade voortvloeit uit een onderhoudsverplichting ten laste van de verhuurder die hij/zij zou niet hebben waargemaakt.

[21] In geval je gehuwd of wettelijk samenwonend bent, verdeel je het bedrag gelijk over kolom 1106 en 2106. Indien je alleenstaande ben vul je het volledige bedrag in kolom 1106 in.

[22]Aangiftegids personenbelasting aj.2016, Maurice De Mey (2016), p.316-317.

[23]Art. 1514 Ger. W. betreffende bewarend beslag, middelen tot tenuitvoerlegging en collectieve schuldenregeling, BS 31 oktober 1967.

[24]“Welke verzekeringen zijn verplicht voor particulieren?”, 123Verzekeringen.be via http://www.123verzekeringen.be/welke-verzekeringen-zijn-verplicht-voor-p... geraadpleegd op 9 mei 2017.

[25]“Netto Belastinggids. Wegwijzer naar minder belastingen”, De Tijd, mei 2017.

[26]Het percentage is afhankelijk van het jaar waarin je lening werd afgesloten en het bepaalde plafond. Aangiftegids personenbelasting aj.2016, Maurice De Mey (2016), p.182-183.

[27]FOD FINANCIEN, “Toelichting bij deel 1 van de voorbereiding van de aangifte in de personenbelasting - aanslagjaar 2017 (inkomsten van het jaar 2016)” via https://eservices.minfin.fgov.be/taxonweb/static/ nl/help/Aide_Fiscale_Partie1.pdgeraadpleegd op 16 mei 2017.